Een ochtendmens ben ik nooit geweest en Vriendlief kan je 's morgens ineens afsnauwen. Zomaar. Of omdat er een pluisje op zijn gezicht neerdwarrelt, ofzo.
Nu had ik nooit gedacht dat een kind dat uit zichzelf op onmogelijke tijdstippen wakker wordt en naar beneden wil (van
Al dagen en weken loop ik 's morgens meestal met een huilende, koppige peuter de trap af. Ik wil gee-heeennnn muts op (jawel schat, het is koud), ik wil die blaaaa-haaaauuweeee jas (ligt in de was, schat), ik wil mijn koekjes nuuu-huuu opeten (die zijn voor op school, schat), ik wil de trap niet aaa-haaafff (oke, dan neem ik je op. Maar natuurlijk mag dat ook niet). Mijn antwoord mondt standaard uit in een luid 'WHEEEEHHHH'. Ohja, nog eentje: ik wil niet te voe-hoeooottt (maar daar geef ik meestal toe).
Het kan ook al vroeger beginnen:
- Ik wil mijn korte broek aaaannn! (gekkie toch, dan vriezen je benen eraf)
- Ik wil colaaaa! (nee schat, geen cola 's morgens)
- Ik wil een boterham met kaas. Nee met salami. Neeee, met speculaaspasta. (eet maar eerst je eerste boterham op. Als die op is, krijg je de rest. Anders moet mama het weggooien en dat doen we niet he, zomaar eten weggooien)
En dat laatste, menschen, was deze morgen de perfecte reden voor zoontjelief om zijn bord met inhoud en al tegen de grond te gooien. Bord in duizende stukjes, boterham geplakt aan de grond.
Joepidee.
En hoe goed ik mijn ochtendhumeur normaal ook probeer te verbergen, op dat moment viel ik net als het bord in stukjes op de grond en zag Diego dat mama ook maar een mens is, met woede en een harde stem en humeurigheid.